Behandeling schizofrenie

Met medicijnen en behandeling lukt het vaak controle te krijgen over de ziekte en te leren om gebruik te maken van de capaciteiten en mogelijkheden die overblijven. Lotgenotencontact en zelfzorg zijn daarbij eveneens belangrijk. Schizofrenie is niet te genezen, maar meestal wel goed te behandelen. Hoe eerder een behandeling begint, hoe beter de te verwachten resultaten.

Therapie helpt

Gesprekstherapie, zoals psycho-educatie, draagt bij tot een vermindering van symptomen, een beter inzicht in de ziekte, tot vroegtijdige herkenning van de signalen, bestrijding van een nieuwe psychose en tot juist medicijngebruik. Sociale-vaardigheidstraining helpt bij het verbeteren van het sociaal functioneren. Arbeidsrehabilitatie kan vervolgens helpen bij het vinden en behouden van aangepast werk. Lotgenotencontact kan de patiënt en zijn omgeving helpen de ziekte te accepteren en ermee te leren omgaan.

Medicijnen

Medicijnen spelen een belangrijke rol bij de behandeling van schizofrenie. Het is belangrijk dit medicijngebruik te combineren met gesprekstherapie en lotgenotencontact. Voor iemand die eenmaal een psychose heeft gehad, is de kans op een volgende psychose binnen een jaar 70% als hij stopt met de medicijnen.
Met medicatie, aanvullende behandelingen en ondersteuning is die kans terug te brengen tot 15%.
 
Blijven gebruiken
Antipsychotica kunnen een psychose terugdringen. Ze helpen helderder te denken en de wanen en hallucinaties naar de achtergrond te dringen. Ook verminderen ze de ‘negatieve symptomen’, zoals afwezigheid en onbereikbaarheid. Na een eerste psychose moeten de medicijnen minimaal twee jaar worden gebruikt. Als de diagnose schizofrenie is gesteld, wordt sterk aanbevolen de medicijnen altijd te blijven gebruiken vanwege de grote kans op een volgende psychose. Ook wanneer de patiënt zich beter voelt. Het duurt meestal enkele weken voordat het effect van de medicijnen merkbaar wordt. Om een goed effect te bereiken moeten de medicijnen met grote regelmaat worden ingenomen. Bij 10 tot 30% van de mensen werken antipsychotica niet of onvoldoende.
 
Bijwerkingen
Antipsychotica kunnen bijwerkingen hebben, die per persoon verschillen. Het is belangrijk samen met de behandelend arts te zoeken naar het meest geschikte medicijn. De meest voorkomende bijwerkingen zijn: bewegingsproblemen, lichamelijke onrust, gewichtstoename, gevoelsvervlakking en seksuele problemen. De nieuwere antipsychotica hebben andere bijwerkingen, maar veroorzaken nauwelijks bewegingsproblemen.
 

Fonds Psychische Gezondheid VSB Fonds